Het schoonmaakmiddel PX-10 kwam in 2008 negatief in het nieuws toen bleek dat militairen hun ziekteklachten weten aan het gebruik van dit middel zonder afdoende beschermingsmiddelen. Sommigen van hen leden aan vormen van bloedkanker en voerden al jaren een juridische strijd tegen Defensie vanwege een mogelijke aansprakelijkheid. Naar aanleiding van de aandacht in de media stelde het ministerie van Defensie in oktober 2008 een meldpunt in, waar ruim 1.500 militairen zich bij gemeld hebben. Uit de interne rapportage van Defensie is gebleken dat het omstreden schoonmaakmiddel in elk geval tot 1985 het kankerverwekkende benzeen bevatte. Volgens de militaire vakbonden is PX-10 bij een groot aantal dienstgroepen in de verschillende krijgsmachtdelen gebruikt. Onder meer bij torpedomakers, mariniers, radio- en radarmonteurs, elektronicaspecialisten, wapenonderhoudspersoneel en wapenherstellers.
Lees hier een artikel uit de Kareoler van juni 2011 over onderzoek naar PX-10 en welke ziektes het ministerie van Defensie erkent als zijnde een (mogelijk) gevolg van blootstelling aan het schoonmaakmiddel.
Lees hier de uitkomsten van het in november 2011 verschenen eindrapport van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) naar de risico's als gevolg van het werken met PX-10. De belangrijkste conclusie luidt dat het vrijwel uitgesloten is dat oud-Defensiemedewerkers kanker hebben gekregen van het wapenschoonmaakmiddel.