Menu

Op 16 maart vond bij Kaap Doorn het eerste voorzittersoverleg van dit jaar plaats. Van deze gelegenheid werd tevens gebruik gemaakt om een extra Bondsraad te houden. Op de agenda van deze Bondsraad stond een aantal noodzakelijke wijzigingen in de statuten en reglementen. Verder werd gesproken over het plan van de minister van Defensie om de organisatie van de zorg voor veteranen en dienstslachtoffers anders te organiseren. In het Voorzittersoverleg werd onder meer gesproken over hoe om te gaan met leden die zonder reden niet verschijnen bij begeleidingsprogramma’s.

Vorig jaar is de BNMO door Defensie geïnformeerd over het voornemen de zorg voor veteranen en dienstslachtoffers op een andere wijze te organiseren. Dit is een uitvloeisel van de Veteranennota 2018. Hierin werd door de minister van Defensie aangekondigd de governance van de uitvoering van het veteranenbeleid te verbeteren en de complexiteit te verminderen. De nieuwe governance moet leiden tot één subsidie-ontvangende zelfstandige organisatie waarvan ook de Basis deel uitmaakt. Het betreft de samenvoeging van het Veteraneninstituut (Vi), de Nederlandse Veteranendag (NLVD), de Basis, het Landelijk Zorgsysteem voor Veteranen (LZV), de zorgcoördinatie van APG en de coördinatie van de uitvoering van de nuldelijnsondersteuning.

Opvatting
Hoewel de BNMO geen partij is in het project dat moet leiden tot de nieuwe organisatie en ook geen stem heeft in de besluitvorming, hechtte onze subsidieverlener, het vfonds, wel aan een opvatting van de BNMO. De Bondsraad van de BNMO heeft aangegeven kennis te hebben genomen van de opdracht die door de minister van Defensie is gegeven betreffende de herinrichting van de organisatie die het veteranenbeleid uitvoert (de zogeheten ‘governance’). De Bondsraad is in beginsel positief en heeft voorts uitgesproken  dat ze het proces tot wijziging van de governance met belangstelling volgt en graag op de hoogte wordt gehouden van de ontwikkelingen. Een eindoordeel kan vanzelfsprekend pas worden gegeven als het veranderingsproces is afgerond. De Bondsraad heeft haar opvatting inmiddels ter kennis gebracht aan het vfonds, stichting de Basis en de minister van Defensie.

No show
In het Voorzittersoverleg is uitgebreid stilgestaan bij de vraag hoe om te gaan met leden die zich wel inschrijven voor deelname aan begeleidingsprogramma’s die door de Basis in Doorn worden uitgevoerd, maar zich niet of op het allerlaatste moment afmelden. De zogenoemde no shows. Natuurlijk kunnen er allerlei valide redenen zijn waarom leden, ondanks hun aanmelding, toch niet kunnen deelnemen, maar dan is het van belang dat dit zo spoedig mogelijk wordt gemeld. In voorkomend geval kunnen leden die op de wachtlijst staan die plaats(en) dan innemen. Het is nog vervelender als leden zich helemaal niet afmelden. Helaas gebeurt dit ook dit regelmatig. Als er dan contact wordt opgenomen, blijkt men het programma soms simpelweg vergeten te zijn of andere prioriteiten te hebben gesteld. Deze leden zien over het hoofd dat de BNMO € 262,- per persoon per dag betaalt. Dit betekent, bijvoorbeeld, dat voor een echtpaar bij een 4-daags programma door de BNMO bijna € 2100,- aan de Basis moet worden betaald, zonder dat daar iets tegenover staat. Gelet op de kwetsbare doelgroep is de BNMO zeer terughoudend bij het opleggen van sancties. Desondanks heeft het Voorzittersoverleg het Hoofdbestuur geadviseerd om, in het geval dat leden zich, ondanks een waarschuwing, opnieuw niet (tijdig) afmelden een sanctie aan hen op te leggen. In voorkomend geval kan een jaar niet meer worden deelgenomen aan begeleidingsprogramma’s. Het Hoofdbestuur hoopt van harte dat door de waarschuwing vooraf uitsluiting van deelname niet hoeft plaats te vinden.